23-11-2010

soulier 56 - (trapeziumhak)



© Philip Guston, 1971 (book ball shoe)






















zondagavond - het is een hespengebraad gegeven - formuleert zonder veel diepgang (veel dus niet tussen haakjes) een antwoord op de vraag: "waarom alles weer oprakelen? is er dan nog iets, iets wat ik pas begrijp als ik me uitspreek?" (40). ja dus (gelukkig maar), maar hier, ik val in herhaling, hapklaar.

onuitgesproken zaken gaan uiteraard verezeld en gepaard met schaamte, een woord dat tot 7 maal toe (onverbloemd) valt. daar ligt het dan, naakt, geen metaforisering, geen vijgenblad. een brood vind je 's zondagsavonds evenmin, wel warme knapperige broodjes (154), nogal zoet. en veel (wel 10) (nogal domme) schoenen.

zo kom ik tot een nieuwe hypothese: hoe toegankelijker (oppervlakkiger) het boek, hoe goedkoper schaamte en schoenen. hoe zoeter het surrogaat voor (dagelijks) brood.

naast de vooral sonore schoenen, "klossend op veel te grote pumps" (23), "geklos van schoenen" (93), "rubberzolen die een tergend piepje veroorzaken als ze over linoleum schuiven" (125), "geschuifel van hakken, hakjes, gympjes" (139) valt één paar schoenen op, "de schoenen van mijn moeder", een moeder die in het boek overigens geen rol speelt, but always the mother, isn't it, ze sijpelt zelfs door in een verhaal dat het hare niet is: "kinderrijmpjes. de schoenen van mijn moeder onder tafel, bruin met een vetertje, trapeziumhak. en hoe ze de punten tegen elkaar wreef" (100) - erotischer kan haast niet.



(Vonne van der Meer, Zondagavond, 2009)



2 opmerkingen: