© Philip Guston
in het hoofdletterloze zesde zintuig, opgelet IK ZAL ME NIET LATEN BEETNEMEN (12), misschien is het alleen als BEELD bedoeld (54), ben ik blootvoets (9), is hij blootvoets (13), is zij blootvoets, de dame zonder schoenen (8) en schudden we blootvoets de handen (11), dan verschijnen de gebeurtenissen in een nieuw licht [partout] en worden natte schoenen weer aangetrokken (40), hangen gardesoldaten van de flanken van hun paarden, groeien uit de zadels [en] drijven de spitsen van hun laarzen naar ons de aarde tegemoet (42), waar leven en eigendom bedreigd worden vallen alle verschillen weg [partout], dobyhal had een slang gevangen, hij vilde ze en spijkerde het vel op de plank die hij op zolder zette om het daar te laten drogen, weintraub draaide wat om zijn hoge rekstok en zei: wil je er schoenen van laten maken (49), de gebeurtenissen verschijnen in een nieuw licht [partout], zijn benen zetten stappen, zijn zolen voelden weerstand, bestanddelen van de straat op bijna wiskundige wijze, afstand, orde, druk uitoefenend, verwaarloosden zijn schoenzolen, kunstmatige hoornhuid, de asfaltbedekking van zijn levensweg, die nu deze straat was, voor een bepaald percentage (67), helemaal in de stijl van de eeuwwisseling [partout], een verre stad, waar de hoge torens hun lange schaduwen werpen en de eenzame burgers hun grof geschoeide voeten op een plaveisel werpen dat zelden vernieuwd nu een beeld van algemene troosteloosheid voor ons uitbreidt, leidt, zich uitstrekt (70), moe drinkt goldenberg resten uit drie kommen, haalt het spaarboekje uit de vuile was, steekt de tandenborstel achter zijn oor, legt de zeep in zijn schoen, naait munten in zijn broeksriem, vult z'n broekzakken met slaappoeder en giet een paar herinneringen uit in de vuilnisemmer (89), vooraan het gezicht, zoals men zegt, daaronder, beneden, een verdieping, een mijn, éénzeventig later wiebelen de zolen op de voeten, de voeten op de benen, het komt naar boven, het komt dichtbij, terug, daar zijn de tenen en bepalen de richting door het leer van de schoenen, verkommerde wegwijzers (93), dan verschijnen de gebeurtenissen in een nieuw licht [partout], de rode krijgers trekken zich terug, hun blanke bloed rent wild door hun aders, hun plompe mocassins vernielen het gras van de savanne (96), de benen van de vader huppelen voor de verstarde benen van de zoon, dit beest met vier poten op die veel te enge schoenen, en boven weerklinkt de stem, de te luide stem van de vader, pathetisch afgezwakt (111), helemaal in de stijl van de eeuwwisseling [partout] staat het water in mijn schoenen, grote bloemen ontploffen in de wolken, .. het zweet loopt in mijn schoenen (127), ik zink, ik hang, de lucht is om me heen, mijn voeten hangen in mijn schoenen (129)
in het zesde zintuig, hoofdletterloos, op enkele uitzonderingen na (LEGT, ik leg, jij legt, wij liggen in de zon, EEN GOED, sterk, krachtig, ONTWIKKELDE BORST, ten eerste, ten tweede en ten, VOOR JOU, franz goldenberg, meerderjarig, staatsburger, GEWICHT IN DE SCHAAL (25)), in dat zesde zintuig, het mooiste boek dat ik ooit las, geen betekenaar als vijgenblad, wel een natte zwembroek (11), broodsoep (16, 104), een stuk brood (25), een half roggenbrood (19, 32), very basic, en niet minder dan 13 paar schoenen.
plots onderbreek je, verander je van richting, gaat daar naar toe terwijl niets dat verantwoordt, waar je niets te zoeken hebt, en je vindt wat je nodig hebt (99), ja, een nieuwe hypothese: hoe herme[s]tischer het boek, hoe minder schoenen en zichtbare schaamte, hoe basaler het brood, tenzij de gebeurtenissen herhaaldelijk in een ander licht verschijnen, in dat geval stijgt het aantal schoenen exponentieel - helemaal in de stijl van de eeuwwisseling
(konrad bayer, het zesde zintuig, vertaling Erik de Smedt (2001 [1985-1996])
Posts tonen met het label Philip Guston. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Philip Guston. Alle posts tonen
06-12-2010
Soulier 59 (en die daar schreeuwt help alsof het iets zou helpen, 110)
Labels:
EdS,
Konrad Bayer,
lituraterre,
Muza,
pain,
Philip Guston,
shoe,
vijgenblad
23-11-2010
soulier 56 - (trapeziumhak)
© Philip Guston, 1971 (book ball shoe)
zondagavond - het is een hespengebraad gegeven - formuleert zonder veel diepgang (veel dus niet tussen haakjes) een antwoord op de vraag: "waarom alles weer oprakelen? is er dan nog iets, iets wat ik pas begrijp als ik me uitspreek?" (40). ja dus (gelukkig maar), maar hier, ik val in herhaling, hapklaar.
onuitgesproken zaken gaan uiteraard verezeld en gepaard met schaamte, een woord dat tot 7 maal toe (onverbloemd) valt. daar ligt het dan, naakt, geen metaforisering, geen vijgenblad. een brood vind je 's zondagsavonds evenmin, wel warme knapperige broodjes (154), nogal zoet. en veel (wel 10) (nogal domme) schoenen.
zo kom ik tot een nieuwe hypothese: hoe toegankelijker (oppervlakkiger) het boek, hoe goedkoper schaamte en schoenen. hoe zoeter het surrogaat voor (dagelijks) brood.
naast de vooral sonore schoenen, "klossend op veel te grote pumps" (23), "geklos van schoenen" (93), "rubberzolen die een tergend piepje veroorzaken als ze over linoleum schuiven" (125), "geschuifel van hakken, hakjes, gympjes" (139) valt één paar schoenen op, "de schoenen van mijn moeder", een moeder die in het boek overigens geen rol speelt, but always the mother, isn't it, ze sijpelt zelfs door in een verhaal dat het hare niet is: "kinderrijmpjes. de schoenen van mijn moeder onder tafel, bruin met een vetertje, trapeziumhak. en hoe ze de punten tegen elkaar wreef" (100) - erotischer kan haast niet.
(Vonne van der Meer, Zondagavond, 2009)
Abonneren op:
Posts (Atom)


