© Kati Heck
wijland
"en toen kenden we ons weer allemaal" (konrad bayer)
mama roept [ROEPT]
zonder [zich af] te vragen
papa slaapt, paus benedictus [de z o v e e l s t e ] roept,
de koekoek roept nagenoeg: "roekoe"
- uit goede gewoonte [alsof dat zo hoort]
de okkernoot groeit
lapis non lapis
alsof dat betaamt toon ik [zoals vandaag] [diep
in het platte vlak] mijn hart van witte veren: "nee,
niet van mama, dat ruwe stucwerk,
gekregen", "roekoe"
papa roept [al slapende]
uit stomme gewoonte toon ik [zie!] mijn schoenenvoet,
rechts of links, zoals u wil, maar het blijft wel
míjn schoenenvoet [en wat erbij hoort]
ik vertrappel de roepers
mama roept [nagenoeg]
muskusossenkop of munt, vraag ik [schor],
te laat! het olfactorisch geheugen roept: te laat!
allemaal [op lapis non lapis na] lachen ze:
te laat! de okkernoot barst uit haar voegen
"word wakker, papa!"
langer en verder en verder, verder, verder, en
langer, spoedig [tien voor half drie] en wijder
[wijlanden wijd]: dikke, dikke kopjes
gisteren -
toen ik nog onsterfelijk was
20-11-2010
wijland
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


Geen opmerkingen:
Een reactie posten