31-10-2012

week, net als wij





© Madame Peripetie






































"Eigenlijk is alleen moed vreemd. Waarom zou je met je lichaam moedig zijn? Dan kun je ook aan een worm vragen moedig te zijn, die is roze en bleek en week, net als wij"

(Louis-Ferdinand Céline, Voyage au bout de la nuit, vert. E.Y. Kummer, 2007 [1932], 52)





29-10-2012

c.-à-d.




© Christophe Denys





































Een onsimpatake tiek



Ik had 9 flessen whisky in mijn kelder en 1 vrouw in mijn huiskamer. En nadat ik op een avond een fles had genuttigd — ongezellig op mijn eentje, omdat zij niet meedronk — gelastte ze mij de volgende dag de resterende 8 flessen leeg te gieten in de gootsteen. En zoniet, dan! Gedachtig de oude wijsheid dat men een onplezierige taak het best meteen kan uitvoeren, begon ik ook maar met de eerste fles en goot de inhoud in de keukengootsteen, rechtstreeks in het ronde gat van de afvoerpijp — op 1 glas na, dat ik opdronk. Ik trok de kruk uit de 2de fles en goot ook die leeg in het ronde gat van de afvoerpijp - wederom met uitzondering van 1 glas, dat ik leegdronk. Ik trok vervolgens de kurk uit de 3de fles — die ik leegdronk op 1 glas na, dat ik leeggoot in de keukengootsteen, rechtstreeks in het gat van de afvoerpijp. Toen trok ik de fles van de 4de kurk en goot de whisky in de gatsteen, precies in de ronde goot van de afvoerpijp. Hierna trok ik de flurk van de 5de kles en goot die leeg in het ronde keelgat van mijn afvoerpijp. Zo ging ik sistimatisch door tot ik de laatste flerk uit de kus had getrokken en leeggegoten in de geutelkooksteen, die ik leegdronk.
Toen ik klaar was, hield ik met 1 hand de keuken overeind en telde met de andere het aantal lege gootstenen, glessen en flazen. En pas toen ik had vastgesteld dat het er inderdaad 119 waren, ging ik even liggen uitrusten op de aanrecht. Dit is het exact verslag van de wijze waarop ik mij gekweten heb van een onsimpatake tiek, mij opgedragen door mijn onsimpanote echtgetieke — en ik ben niet half zo verondersteld, al u teut dat ik ben.
Ik voel me alleen wat draaierig omdat de keuken telkens voorbijkomt en ik te moe ben om nog weer eens na te tellen of ze alle 90 weer de gootsteen hebben leeggegooiten in de keukenfles, precies in 't ronde pijpje van mijn afvoergat.



(John O'Mill, uit: Penfruit Prullaria, De Arbeiderspers, 1983)




25-10-2012

verborgen impulsen





© Sergei Pankejeff & his older sister Anna




























".. Maar deze rationalistische kritiek ging al gauw gepaard met tobberijen en twijfels, die ons kunnen onthullen dat er ook verborgen impulsen in het spel waren. Een van de eerste vragen die hij [de wolvenman, als vijfjarige] tot zijn njanja richtte, was of Christus ook een achterwerk had gehad. Zijn njanja legde uit dat hij God was geweest en ook mens. Als mens had hij alles gehad en alles gedaan wat ook andere mensen hebben en doen. Dat nu stelde hem helemaal niet tevreden, maar hij wist zich te troosten met de gedachte dat het achterwerk enkel de voortzetting van de benen is. De amper tot zwijgen gebrachte angst om de heilige figuur te moeten vernederen vlamde weer op toen bij hem de vraag rees of Christus ook had gescheten. Hij waagde het niet zijn vrome njanja de vraag voor te leggen, maar hij vond zelf een uitweg zoals zij hem die niet beter had kunnen wijzen. Omdat Christus wijn uit niets had gemaakt, had hij ook het eten in niets kunnen veranderen en zich zo de defecatie kunnen besparen .."



Sigmund Freud, Werken 6 [1912-1915], Uit de geschiedenis van een kinderneurose ['De wolvenman'], vert. Wilfred Oranje, 2006, 530




eerder een buffel — of ezel





© Jan Vercruysse












































".. Maar ter zake: Fortuna begunstigt de roekelozen en de stoutmoedigen, maar bovenal diegenen, die alles op één kaart zetten. De wijsheid echter maakt de mensen schuchter en daarom ziet men, dat de wijzen gewoonlijk te kampen hebben met armoede, honger en koude, onbemind en onbekend blijven en van ieder verlaten hun leven slijten. Daarentegen stroomt de dwazen het geld toe; zij worden geplaatst aan het roer van staat en in alle opzichten gaat het hun voor de wind. Want wanneer iemand geen groter geluk kent dan in de gunst te staan bij de aanzienlijken en bevriend te zijn met de leden der haute finance, wat baat hem dan het bezit van wijsheid, of liever wat zou hem dan in het oog van deze mensen meer schaden? Hoe zal een koopman nog winst kunnen behalen, wanneer hij op een tijdstip waarop schatten te verdienen zijn, zou terugdeinzen voor het afleggen van een meineed; wanneer hij, betrapt op een leugen, zou blozen of zich ook maar iets zou aantrekken van de kleingeestige bezwaren der wijzen omtrent diefstal of woekerwinst? Bij het dingen naar kerkelijke ambten of beneficies zal eerder een ezel of een buffel dan een wijze zijn doel bereiken. Wie verlangt naar mingenot, bedenke dat de meisjes, die toch de hoofdpersonen van het liefdesspel zijn, de dwazen met hart en ziel zijn toegedaan, maar dat zij de wijzen schuwen en ontlopen als een schorpioen. Kortom, wie ook maar enigszins blij en opgewekt het leven wil doorgaan, sluit de wijze buiten zijn vriendenkring en zoekt liever het gezelschap van dieren. Om kort te gaan: tot wie men zich ook wendt, het moge pausen, vorsten, rechters, regenten, vrienden, vijanden, hoog of laag of wat ook zijn, men kan alles gedaan krijgen, wanneer men maar met geld in de hand gereed staat. Juist omdat de wijze geen waarde hecht aan dit slijk der aarde, wordt hij gewoonlijk door allen gemeden .."



(Desiderius Erasmus, Id est stultitiae laus / De lof der zotheid, vert. Dirkzwager & Nielson, (? [1514]), 269)




23-10-2012

ami- / tié





© Nicola Samori























































".. Denk erom, ik heb het nu slechts over mensen, en aangezien ieder mens zijn gebreken heeft, geldt diegene als een toonbeeld van deugd, die het minst ermee behept is. Daarom kan tussen die deugdzame wijzen, die voor goden willen doorgaan, geen vriendschap bestaan. Nee, laat ik zeggen: hoogstens een stijve en vormelijke verhouding; en dan nog slechts met één enkele mens. Want te zeggen, dat zij met niemand vriendschap sluiten, dat durf ik niet te verantwoorden, omdat vrijwel alle mensen nu eenmaal onverstandig zijn; ja, wie niet op alle mogelijke manieren lijdt aan dwaasheid, is geen mens, en vriendschap kan slechts tussen dwazen bestaan .."



(Desiderius Erasmus, Id est stultitiae laus / De lof der zotheid, vert. Dirkzwager & Nielson, (? [1514]), 65)




21-10-2012

The Universe is a House Party






Het universum is een houseparty


Het universum zet uit. Zie: prenten per post
en panty's. Gloss op de rand van de flessen,

sokken verweesd en servetten gedroogd in een knoop.
Snel, zonder woorden, wordt alles op draden gegooid

met radiogolven van een eerdere generatie —
het drijft naar de rand waar oneindig begint,

als lucht in een luchtballon. Straalt het?
Prang je de ogen snel toe? Is het vloeibaar, atomisch,

een vuurzee van zonnen? Het lijkt wel een feest
waarop buren vergeten net jou te verzoeken: gebons van de bas

door de muren, en dronken ploft iedereen neer
op het dak. We slijpen een lens met ondenkbare sterkte

en richten haar strak op de toekomst. We dromen van wezens
en heten hen welkom met meer dan geopende armen:

fantastisch! je bent er! We deinzen niet terug
voor de speldenprikmond, de stompjes van leden. Gracieus

staan we op, en vrijmoedig: mi casa es su casa. Ze zagen ons
nooit zo oprecht, en weten precies wat we menen.

Natuurlijk, van ons. Is het van iemand, dan is het van ons.


(Tracy K. Smith, uit: Life on Mars, Graywolf Press, 2011, vert. ds.)







© Marc Chagall













































The Universe Is a House Party


The universe is expanding. Look: postcards
And panties, bottles with lipstick on the rim,

Orphan socks and napkins dried into knots.
Quickly, wordlessly, all of it whisked into file

With radio waves from a generation ago,
Drifting to the edge of what doesn't end,

Like the air inside a balloon. Is it bright?
Will our eyes crimp shut? Is it molten, atomic,

A conflagration of suns? It sounds like the kind of party
Your neighbors forget to invite you to: bass throbbing

Through walls, and everyone thudding around drunk
On the roof. We grind lenses to an impossible strength,

Point them toward the future, and dream of beings
We'll welcome with indefatigable hospitality:

How marvelous you've come! We won't flinch
At the pinprick mouths, the nubbin limbs. We'll rise,

Gracile, robust . Mi casa es su casa. Never more sincere.
Seeing us, they'll know exactly what we mean.

Of course, it's ours. If it's anyone's, it's ours.


(Tracy K. Smith, uit: Life on Mars, Graywolf Press, 2011)





(one of the) 50 ways to minimize the audience














20-10-2012

Gaze is a Gap is a Ghost






Zelfinterview met Daniel Linehan

Ik weet dat je niet houdt van de vraag: "Waarover gaat dit stuk?" Maar kan je me iets vertellen over de thema's die 'Gaze is a Gap is a Ghost' aansnijdt?
Dat klinkt verdacht veel als dezelfde vraag, maar ik zal ze proberen te beantwoorden. Het centrale thema dat het stuk lijkt te behandelen, glijdt telkens weer weg. In het beginstadium van ons proces noteerde ik iets over hoe het stuk aan het publiek een ingebeelde, empathische, visuele band met de dansers zou bieden, door aan de toeschouwers de kans te geven om te kijken door de ogen van de dansers. Natuurlijk realiseerde ik me al gauw dat zoiets onmogelijk is, dat je niet echt kunt zien wat de danser ziet. Al wat je kan, is een beeld zien dat door een camera werd opgenomen. Zelfs in de toekomst, wanneer iemand speciale contactlenzen zou ontwikkelen die een high-definitionbeeld van je hele zichtveld opnemen, zou dat niet hetzelfde zijn als te zien wat iemand anders ziet. Je kunt nooit echt kijken door de ogen van een ander. Je weet nooit wat hij ziet wanneer hij naar een object kijkt. We zouden wel in staat zijn het dezelfde naam te geven — "muntstuk", "schedel", .. — maar dat wil niet zeggen dat we hetzelfde zien.

Maar jij en ik zouden wel hetzelfde zien, aangezien ik jou ben.
Wel, ik word daar steeds minder zeker van. Het eerste voor de hand liggende feit dat ik me realiseerde, is dat je niet echt kunt weten wat iemand anders ziet wanneer hij naar iets kijkt. Maar nu realiseer ik me iets veel minder voor de hand liggend: ik kan zelfs niet kijken door mijn eigen ogen! Ik kan niet eens mijn eigen perspectief registreren, laat staan het perspectief van iemand anders.W

Wat bedoel je daar precies mee?
Wel, praktisch gezien, als je een opname maakt en die daarna bekijkt, zul je zien dat er zaken zijn die de camera gemist heeft, omdat zijn beeldveld gecadreerd is en hij dus geen breedtezicht heeft. Maar je zult ook bepaalde dingen zien die je niet had opgemerkt, omdat je aandacht elders was. Met andere woorden: de camera registreert zowel meer als minder dan wat je ziet.

Maar ik bedoel ook dat er iets vreemds is in 'the gaze' — de blik. Die werd getraind en heeft zijn gewoontes verworven lang voor je er bewust iets kon aan doen. Heb je niet het gevoel dat hij niet helemaal van jou is? Alsof hij je op elk moment zou kunnen ontglippen ..

Ik weet het ... Hij blijft altijd bij me. Ik voel dat ik vastzit aan mijn blik, en hij zit vast aan mij, en ik kan hem niet ontvluchten.
Ik begrijp wat je bedoelt. Soms lijkt je blik vloeiend en zwervend, en andere keren geeft hij je een claustrofobisch gevoel, alsof je erin vastzit. Ik bedoel, hij kan zowel een val zijn als een ontsnappingsmiddel. In dit stuk heeft hij meer iets van een val, en dat is waarschijnlijk omdat de dansers niet dansen met een levende blik die zich kan aanpassen, maar met gefixeerde, opgenomen videobeelden. In de loop van het stuk blijven de dansers pogingen ondernemen om te ontsnappen uit die starre structuur. Of ze vinden manieren om er mee te spelen en haar invloed af te zwakken.

Slagen ze daarin?
Wel, ik denk niet dat het een kwestie is van slagen of falen. Zeker is dat ze nooit helemaal aan de blik kunnen ontsnappen.

Dus dan zitten ze er altijd aan vast.
Dat is ook onmogelijk. Ze kunnen er niet volledig aan ontsnappen, maar ze kunnen er zich ook niet volledig aan vasthaken. Er zijn altijd kleine verschillen tussen de timing van wat ze doen en de timing van de video-opname. Dus moeten ze hun weg vinden in een zone tussen absoluut ontsnappen uit de structuur en de absolute synchroniciteit ermee.

Ze moeten hun weg vinden tussen twee zones van het onmogelijke, en zodoende zitten ze vast in het rijk van het mogelijke.
Dat klinkt zo triest ... Ik hoop dat het niet helemaal klopt.

Vertel me iets meer over je interesse in het onmogelijke.
Wel, ik ben geïnteresseerd in het verleggen van de grenzen van het mogelijke. Ik wil dat de dansers zich proberen voor te stellen hoe ze iets kunnen doen dat misschien niet mogelijk lijkt in het systeem waarin ze zitten. Maar het is belangrijk de regels van het systeem heel strikt te houden, veel zaken onmogelijk te blijven houden, zodat er een ware wrijving ontstaat tussen het systeem en de pogingen om de grenzen ervan te verleggen.

In zekere zin is het belangrijk om te bevestigen wat onmogelijk is, en nooit aan te nemen dat het wel mogelijk is. Ik wil geen illusie scheppen waarbij mensen echt zouden gaan geloven dat ze kunnen kijken vanuit het perspectief van de danser. Het zou een groot probleem zijn als we het publiek zouden wijsmaken dat het mogelijk is te kijken vanuit andermans perspectief. Dus vonden we oplossingen om de dansers te scheiden van hun op video vastgelegd perspectief. Het is nodig om de essentiële breuk aan te geven die het ene perspectief scheidt van het andere.

Ik begrijp waarom je wil wijzen op wat onmogelijk is, maar anderzijds klinkt het niet zo interessant om alleen te mikken op wat mogelijk is, en dat dan ook te bereiken.
Nee, juist, precies. Tenzij je mikt op het onmogelijke, is er geen reden om bezig te zijn met wat je doet. Je bewust zijn van het onmogelijke en er toch naar streven. Wat ik het interessantst vind is de kloof tussen het ideaal en wat bereikt wordt, met alle fouten en onvolkomenheden die niet stroken met het ideaal. Op dat moment toont de menselijke dimensie zich het sterkst.

Je hebt het hier eerder al over gehad.
Ja, ik denk dat dit thema vaak opduikt in mijn werk. Ik tracht de performer in de richting van het technologische te duwen, niet om hem minder menselijk te maken, maar om te komen tot de essentie van wat het menselijke van het technologische scheidt

(Daniel Linehan, artiste associé 2012-2013 in deSingel, Gaze is a Gap is a Ghost)