[..]
ESTRAGON: What about hanging ourselves?
VLADIMIR: Hmm. It’d give us an erection.
ESTRAGON: (highly excited) An erection!
VLADIMIR: With all that follows. Where it falls mandrakes grow. That’s why they shriek when you pull them up. Did you not know that?
ESTRAGON: Let’s hang ourselves immediately!
VLADIMIR: From a bough? (They go towards the tree). I wouldn’t trust it.
ESTRAGON: We can always try.
VLADIMIR: Go ahead
ESTRAGON: After you.
VLADIMIR: No no, you first.
ESTRAGON: Why me?
VLADIMIR: You’re lighter than I am
ESTRAGON: Just so!
VLADIMIR: I don’t understand
ESTRAGON: Use your intelligence, can’t you? (Vladimir uses his intelligence.)
VLADIMIR: (finally). I remain in the dark.
ESTRAGON: This is how it is. (He reflects.) The bough ... the bough ... (Angrily). Use your head, can’t you?
VLADIMIR: You’re my only hope.
ESTRAGON: (with effort). Gogo light — bough not break — Gogo dead. Didi heavy — bough break — Didi alone. Whereas —
VLADIMIR: I hadn’t thought of that.
ESTRAGON: If it hangs you it’ll hang anything.
VLADIMIR: But am I heavier than you?
ESTRAGON: So you tell me. I don’t know. There’s an even chance. Or nearly.
VLADIMIR: Well? What do we do?
ESTRAGON: Don’t let’s do anything. It’s safer.
VLADIMIR: Let’s wait and see what he says
ESTRAGON: Who?
VLADIMIR: Godot.
ESTRAGON: Good idea
[..]
[..]
ESTRAGON: What’ll we do, what’ll we do!
VLADIMIR: (halting, violently) Will you stop whining! I’ve had about my bellyful of your lamentations!
ESTRAGON: I’m going.
VLADIMIR: (seeing Lucky’s hat). Well!
ESTRAGON: Farewell.
VLADIMIR: Lucky’s hat. (He goes towards it.) I’ve been here an hour and never saw it. (Very pleased.) Fine!
ESTRAGON: You’ll never see me again.
VLADIMIR: I knew it was the right place. Now our troubles are over. (He picks up the hat, contemplates it, straightens it.) Must have been a very fine hat. (He puts it on in place of his own which he hands to Estragon.) Here.
ESTRAGON: What?
VLADIMIR: Hold that. (Estragon takes Vladimir’s hat. Vladimir adjusts Lucky’s hat on his head. Estragon puts on Vladimir’s hat in place of his own which he hands to Vladimir. Vladimir takes Estragon’s hat. Estragon adjusts Vladimir’s hat on his head. Vladimir puts on Estragon’s hat in place of Lucky’s which he hands to Estragon. Estragon takes Lucky’s hat. Vladimir adjusts Estragon’s hat on his head. Estragon puts on Lucky’s hat in place of Vladimir’s which he hands to Vladimir. Vladimir takes his hat. Estragon adjusts Lucky’s hat on his head. Vladimir puts on his hat in place of Estragon’s which he hands to Estragon. Estragon takes his hat. Vladimir adjusts his hat on his head. Estragon puts on his hat in place of Lucky’s which he hands to Vladimir. Vladimir takes Lucky’s hat. Estragon adjusts his hat on his head. Vladimir puts on Lucky’s hat in place of his own which he hands to Estragon. Estragon takes Vladimir’s hat. Vladimir adjusts Lucky’s hat on his head. Estragon hands Vladimir’s hat back to Vladimir who takes it and hands it back to Estragon who takes it and hands it back to Vladimir who takes it and throws it down.) How does it fit me?
ESTRAGON: How would I know?
VLADIMIR: No, but how do I look in it? (He turns his head coquettishly to and fro, minces like a mannequin.)
ESTRAGON: Hideous.
VLADIMIR: Yes, but not more so than usual?
ESTRAGON: Neither more nor less.
[..]
(Samuel Beckett, Waiting for Godot, 1972 [1955], 17-18, 71-72)
31-05-2012
waiting for
29-05-2012
het is van tweeën één
"Nadat u rijpelijk hebt nagedacht nadat u al uw moed bijeen hebt geraapt besluit u bij uw afdelingschef langs te gaan om opslag te vragen u gaat dus bij uw afdelingschef langs laten we zeggen om het eenvoudig te houden want je moet het altijd eenvoudig houden dat hij meneer xavier oftewel meneer of liever nog mr x heet dus u gaat langs bij mr x dan is het van tweeën één ofwel mr x is in zijn kantoor ofwel mr x is niet in zijn kantoor als mr x in zijn kantoor is zou er ogenschijnlijk geen probleem zijn maar natuurlijk is mr x niet in zijn kantoor u kunt dus weinig anders doen dan op de gang uitzien naar zijn terugkeer of zijn aankomst maar laten we aannemen niet dat hij niet komt in dat geval zou er al met al nog maar één oplossing zijn namelijk terug te gaan naar uw eigen kantoor en tot de middag of de volgende dag te wachten om het dan andermaal te proberen maar wat de gewoonste zaak van de wereld is dat hij op zich laat wachten in dat geval is het beste wat u kunt doen in plaats van door de gang te blijven ijsberen een bezoekje te brengen aan uw collega juffr y die we om onze dorre bewijsvoering wat meer menselijkheid te geven voortaan juffr yolande zullen noemen maar het is van tweeën één ofwel juffr yolande is in haar kantoor ofwel juffr yolande is niet in haar kantoor als juffr yolande in haar kantoor is is er ogenschijnlijk geen probleem maar laten we aannemen dat juffr yolande niet in haar kantoor is in dat geval dient er zich voor u gezien het feit dat u geen zin hebt om te blijven ijsberen door de gang in afwachting van de hypothetische terugkeer of de mogelijke aankomst van mr x maar één oplossing aan namelijk een rondgang te maken langs de verschillende afdelingen die samen het geheel of een deel vormen van de organisatie die u in loondienst heeft en vervolgens weer langs te gaan bij mr x in de hoop dat hij intussen is aangekomen het is echter van tweeën één ofwel mr x is in zijn kantoor ofwel mr x is niet in zijn kantoor laten we ervan uitgaan dat hij er niet is dan ziet u dus ijsberend in de gang uit naar zijn terugkeer of zijn aankomst ja maar laten we aannemen dat hij op zich laat wachten in dat geval gaat u kijken of juffr yolande in haar kantoor is het is van tweeën één ofwel ze is er ofwel ze is er niet als ze er niet is kunt u best een rondgang maken langs de verschillende afdelingen die samen het geheel of een deel vormen van de organisatie die u in loondienst heeft maar laten we liever aannemen dat juffr yolande wel in haar kantoor is in dat geval is het van tweeën één ofwel juffr yolande is in een goed humeur ofwel juffr yolande is niet in een goed humeur laten we om te beginnen aannemen dat juffr yolande niet maar dan ook helemaal niet in een goed humeur is maak in dat geval zonder de moed te laten zakken een rondgang langs de verschillende afdelingen die samen het geheel of een deel vormen van de organisatie die u in loondienst heeft en ga vervolgens weer bij mr x langs in de hoop dat hij is aangekomen het is echter van tweeën één ofwel .."
(Georges Perec, Tips en wenken voor wie zijn afdelingschef om opslag wil vragen, 2010 [1968], vert. Rokus Hofstede)
26-05-2012
24-05-2012
”Wat mij betreft: als er een geheim zou zijn, dan zou ik het niet zeggen” (René Daniëls)
© René Daniëls, nog tot 23.09.2012 in vanabbemuseum
5.
Kamer van de gelijke structuren.
Fraktalen.
Bloemkolen.
Aders.
Boom.
Hersenen (zonder klonter).
Binair systeem.
De draagkracht van dertig bakstenen.
Vuurvast cement.
De historie van een ongewone vondst.
Een naald in een hooiberg.
Loods boeg.
Alles bestaat door zijn verbanden.
Context.
Wat kan de mens verdragen?
Maatwerk.
Regiment.
Punt- lijn.
(Jean-Marie Bytebier, uit: HET LEXICON, 2006)
23-05-2012
pour lire La disparition de Perec, en néerlandais, 5 (dahu)
” .. ’n Dag of acht gaat ’t zo prima. Ik vang ’n dahu, ’n amusant soort lam van ’n impala dat wat lijkt op ’n pampahaas, maar dat, omdat ’t zich voortplant op ’n flank van ’n rotspartij, op ’n vlak stuk grond dwaas oogt, omdat hij links kortpotig is, maar langpotig aan zijn dalzij, zodat hij juist op ’n schuin vlak in balans kan staan, waarbij vangst van dat schaapachtig lam als volgt gaat: zing zo hard jij kan ’t 'tsjilp tsjilp’ van ’n kroonduif na, dat zo irritant klinkt dat hij ’t waarlijk haat. Hij raakt uit zijn hum, wordt kwaad, maar vooral onvoorzichtig, want doordat hij zich ondoordacht plots omdraait, raakt hij zijn balans kwijt, waardoor hij van ’n rotswand in ’n nauw gat valt, waaruit jij ’m handig opvist. Zo komt d’r ’n fantastisch stuk lamsbout aan ’t spit, dat ons smaakt, want op ’t laatst komt mij al dat zout, lang houdbaar inblikspul mijn strot uit. Dan krijgt ’t paar dorst. Hun Spa raakt op. ’t Aquavit brandt in hun borstkas, maar hun dorst blijft ..”
(Georges Perec, ’t Manco, 2009 [1969], 259, vert. Guido van de Wiel)
19-05-2012
pour lire La disparition de Perec, en néerlandais, 4 (Voyelles de Rimbaud)
Voyelles
A noir, E blanc, I rouge, U vert, O bleu: voyelles,
Je dirai quelque jour vos naissances latentes:
A, noir corset velu des mouches éclatantes
Qui bombinent autour des puanteurs cruelles,
Golfes d'ombre; E, candeurs des vapeurs et des tentes,
Lances des glaciers fiers, rois blancs, frissons d'ombelles;
I, pourpres, sang craché, rire des lèvres belles
Dans la colère ou les ivresses pénitentes;
U, cycles, vibrements divins des mers virides,
Paix des pâtis semés d'animaux, paix des rides
Que l'alchimie imprime aux grands fronts studieux;
O, suprême Clairon plein des strideurs étranges,
Silences traversés des Mondes et des Anges:
—O l'Oméga, rayon violet de Ses Yeux!
(Arthur Rimbaud)
Vocaalklank
A zwart (Uh... wit), I rood, U mos, O blauw, vocaalklank
Ooit ga ik uw bron na, ja, waar u toch vandaan komt
A wambuis, harig zwart, of wat als tor maar rond bromt
Dat ik daar vol aanschouw ondraaglijk in zo’n vaaltstank
'n Wanhoopskaap; d'r hangt 'n mist, was 't Kahn’s Schitt’ring,
'n Pijl van 'n hoog Fjord, anijsdrank, Blanco Koning?
I, paars, wondvochtig spuug, waar rond 'n glimlach schoon hing
In haat, vol wraaklust, wrok, of rouwvol in kastijding
U, cycli in 'n nautisch fluïdum van 'n golfbad,
Rust van grasland, rustig graast `n rund dat gras glad
'n Voorhoofd fronst zodra 'n alchimist zich kromt
O, muzikaal, zo’n prachthoorn, harmonisch nooit als thuis
’t Blijft stil als ’t daarbij ’t Aards of God’s Pad kruist
O, ohmsymbool, ’n paars licht dat uit zijn Oog komt!
Arthur Rimbaud
(Georges Perec, ’t Manco, 2009 [1969], 121, vert. Guido van de Wiel)
16-05-2012
van gebrek aan een -e naar een eigenschapsloze
De misdaad
MOOSBRUGGER [moordenaar]:Dat zou nog eens een idee zijn! Dat iemand zich geroepen voelde om werkelijk na te denken en een boek over mij te schrijven. Denken is een mooi ding. Er zijn tijden geweest waarin ik iets deed wat ik denken noemde. Misschien dat er ook andere en juistere woorden voor bestaan. Maar ik noem het graag denken, hoewel het eerder iets was wat mij overkwam dan wat ik zelf uitvoerde. Als de dokters me vroegen hoeveel veertien plus veertien was, zei ik: zo ongeveer achtentwintig tot veertig. Kijk, dan was het eindelijk eens mijn beurt om te lachen. Natuurlijk weet ik dat je bij achtentwintig uitkomt als je veertien optelt bij veertien. Maar moet je daarom bij achtentwintig stoppen? Wie echt denkt, mag er niet mee ophouden. Die kan er niet eens mee ophouden - tenzij het natuurlijk vanzelf stilvalt. Tenzij je domweg komt vast te zitten. Tenzij je sterft. Die lui denken dat ze iets weten! Ze komen zogezegd tot conclusies! Maar wie niet alles weet, weet niks. Daarom is het ook zo moeilijk om te zeggen wat je denkt. Je denkt altijd te veel, en toch nooit genoeg. Het zou niet makkelijk zijn, een boek schrijven over mij, een boek waarin werkelijk werd nagedacht.
(Yves Petry, uit: De misdaad, theaterbewerking van Musils De man zonder eigenschappen, 2012, 32)
12-05-2012
pour lire La disparition de Perec, en néerlandais, 3 (la lettre volée)
© William Kentridge
" .. On peut être sûr, quand on prend un de ces proverbes attribués à la sagesse des nations .., de tomber sur une stupidité. Verba volant, scripta manent. Avez-vous réfléchi qu’une lettre, c’est justement une parole qui vole? S’il peut y avoir une lettre volée, c’est qu’une lettre est une feuille volante. Ce sont les scripta qui volant, alors que les paroles, hélas, restent. Elles restent même quand personne ne s’en souvient plus .. "
(Jacques Lacan, Le séminaire II, Le moi dans la théorie de Freud et dans la technique de la psychanalyse, 1954-1955, 232)
pour lire La disparition de Perec, en néerlandais, 2 (The purloined letter)
Edgar Allan Poe
" .. it depends upon this, replied Dupin, the Prefect and his cohort fail so frequently .. by ill-admeasurement, or rather through non-admeasurement, of the intellect with which they are engaged. They consider only their own ideas of ingenuity; and, in searching for anything hidden, advert only to the modes in which they would have hidden it. They are right in this much--that their own ingenuity is a faithful representative of that of the mass; but when the cunning of the individual felon is diverse in character from their own, the felon foils them, of course. This always happens when it is above their own, and very usually when it is below. They have no variation of principle in their investigations ..”
(Edgar Allan Poe, uit: The purloined letter)
Abonneren op:
Posts (Atom)






